Binnen BRAVO is de afgelopen jaren veel aandacht besteed aan de vraag hoe de controle op de jaarrekening van kleine schoolbesturen eenvoudiger en passender kan worden ingericht. De huidige systematiek, waarbij alle schoolbesturen onder één uniform toetsingskader vallen, leidt tot een relatief zware administratieve belasting voor kleine besturen. Dit speelt extra zwaar in een tijd waarin er sprake is van een tekort aan accountants.
Huidige situatie en knelpunten
De controle op de jaarrekening vindt plaats volgens het jaarlijks geactualiseerde onderwijsaccountantsprotocol (OAP). Dit protocol vormt het referentiekader voor de werkzaamheden van de instellingsaccountant en volgt wijzigingen in wet- en regelgeving en toezichtskaders.
Omdat kleine besturen dezelfde eisen moeten volgen als grote besturen, ervaren zij deze uniformiteit als disproportioneel; het kost veel tijd en middelen om aan alle verantwoordingsverplichtingen te voldoen.
BRAVO heeft daarom gepleit voor een gedifferentieerd systeem, vergelijkbaar met het bedrijfsleven, waarin de omvang van de organisatie bepalend is voor de zwaarte van de controle.
Stand van zaken in 2025–2026
1. Invoering van het ‘compact bestuursverslag’ voor kleine besturen
In 2025 is in de Regeling jaarverslaggeving onderwijs een artikel toegevoegd dat kleine schoolbesturen de mogelijkheid biedt een compact bestuursverslag op te stellen. Dit verslag is eenvoudiger en minder omvangrijk, maar voldoet aan alle wettelijke eisen.
Hoewel de eisen voor kleine besturen grotendeels gelijk blijven aan die van grotere besturen, biedt deze optie alsnog verlichting: minder tekst, een strakkere structuur en minder redundantie. Dit instrument is onderdeel van bredere inspanningen om lasten te beperken.
2. Afstemming met accountantskantoren en OCW
De handreikingen voor het bestuursverslag (versies 2025) zijn nauw afgestemd met accountantskantoren, de Inspectie van het Onderwijs en het ministerie van OCW. Hierdoor sluiten ze beter aan op de praktijk en bieden ze een consistent referentiekader voor alle besturen.
3. Vervolg op het OAP en verschuiving in controlelast
Het onderwijsaccountantsprotocol 2024 blijft de basis voor de controle op de jaarrekening, maar wordt jaarlijks bijgesteld. Een relevante wijziging is dat de controle op de tijdige aanwezigheid van de VOG sinds 2024 niet langer verplicht onderdeel is van de jaarrekeningcontrole. Deze controle is verplaatst naar een optionele, vrijwillige opdracht.
Dit scheelt administratieve druk voor kleine besturen.
4. NBA schuift twee keer per jaar aan
De NBA neemt deel aan de structurele overleggen met BRAVO, PO-Raad, VO-Raad en OCW. Dit borgt een continue dialoog over vereenvoudiging van de controlelast en maakt het mogelijk knelpunten sneller te signaleren en oplossingsrichtingen te toetsen.
5. Compact bestuursverslag ook vanuit andere gremia ondersteund
Andere organisaties bevestigen dat het compact bestuursverslag vanaf verslagjaar 2024/2025 kan worden toegepast door kleine instellingen (< €15 miljoen rijksbijdrage). De regeling is nog in verdere uitwerking, maar het instrument is bedoeld om verlichting te bieden.
BRAVO blijft zich samen met ketenpartners inzetten voor een proportionele, werkbare en toekomstbestendige inrichting van de accountantscontrole binnen het primair onderwijs. Zodra er nieuwe stappen zijn gezet richting daadwerkelijke differentiatie in controle-eisen, zal BRAVO dit via de website communiceren.
